Subpage under development, new version coming soon!
Topic closed!!!
Subject: »Spamtopic
ik heb gehoord dat Pauwels tijdens een training over die molshoop in het midden is gestruikeld ;)
Misschien zijn naam veranderen in een ander soort fruit?
Hierbij open ik plechtig de
vzw we want banaan back
vzw we want banaan back
ja ij had een laatste spiercontractie daaronder onze grasmat
raadt maar welk deel
raadt maar welk deel
waar is banaan naartoe?
toch niet naar zijn grootmoe?
wij willen banaan hier
anders is er geen plezier!
toch niet naar zijn grootmoe?
wij willen banaan hier
anders is er geen plezier!
A
account
Een account geeft, veelal via een username en een password, toegang tot een dienst. Bijvoorbeeld een e-mailaccount, met een mailbox en een e-mailadres, maar een account kan ook worden verstrekt voor de toegang tot gesloten servers (FTP, chat etc.) of voor toegang tot een netwerk.
ADSL
Asymmetric Digital Subscriber Line. Techniek waarbij via een modem en de bestaande telefoondraden verbinding gemaakt wordt met de modems bij de lokale telefooncentrale. De nieuwe technologie biedt vooral veel bandbreedte vanuit de centrale naar de gebruiker.
AMS-IX
Amsterdam Internet Exchange: op Europees niveau koppelt SURFnet met andere Internet Service Providers via het knooppunt AMS-IX.
Meer informatie:
http://www.ams-ix.net.
anonymous e-mail
E-mail die via een tussenliggende server, een re-mailer, wordt verzonden naar de geadresseerde, waarbij de tussenliggende server de gegevens van de afzender verwijdert.
anonymous FTP
Op een aantal computers aangesloten op het internet kan 'anoniem' ingelogd worden, waarna bestandsoverdracht (file transfer) kan plaatsvinden. Zie ook FTP.
applet
Klein programma dat onderdeel is van het besturingssysteem of van een HTML-pagina. Een Java-applet is geschreven in de programmeertaal Java. De Java-applet wordt via het internet van de server opgehaald en vervolgens uitgevoerd door de browser. Installatie van een applet op de eigen computer is dus niet nodig.
applicatie
Computertoepassing of een combinatie van bij elkaar behorende computerprogramma's en bestanden die een bepaalde taak uitvoeren.
ASCII
American Standard Code for Information Interchange: standaardcodering van de meest gebruikte alfabetische en niet-alfabetische tekens. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de oorspronkelijke standard ASCII-set en de nieuwere extended ASCII-set. Een ASCII-teken in standard ASCII omvat 7 bits. Deze tekenset laat ruimte voor 128 tekens. Een ASCII-teken in extended ASCII omvat 8 bits. In deze tekenset bestaat er ruimte voor 256 tekens.
attachment
Toevoeging aan een e-mailbericht in de vorm van een apart bestand, zodat bijvoorbeeld een document met de opmaakcodes van een specifieke tekstverwerker ook eenvoudig per e-mail verzonden kan worden.
authenticatie
Controle op de identiteit van de gebruiker.
autorisatie
Vaststelling van de rechten van een gebruiker op een computer of netwerk, bijvoorbeeld of een gebruiker het recht heeft bepaalde gegevens in te zien, toe te voegen, te wijzigen of te verwijderen.
account
Een account geeft, veelal via een username en een password, toegang tot een dienst. Bijvoorbeeld een e-mailaccount, met een mailbox en een e-mailadres, maar een account kan ook worden verstrekt voor de toegang tot gesloten servers (FTP, chat etc.) of voor toegang tot een netwerk.
ADSL
Asymmetric Digital Subscriber Line. Techniek waarbij via een modem en de bestaande telefoondraden verbinding gemaakt wordt met de modems bij de lokale telefooncentrale. De nieuwe technologie biedt vooral veel bandbreedte vanuit de centrale naar de gebruiker.
AMS-IX
Amsterdam Internet Exchange: op Europees niveau koppelt SURFnet met andere Internet Service Providers via het knooppunt AMS-IX.
Meer informatie:
http://www.ams-ix.net.
anonymous e-mail
E-mail die via een tussenliggende server, een re-mailer, wordt verzonden naar de geadresseerde, waarbij de tussenliggende server de gegevens van de afzender verwijdert.
anonymous FTP
Op een aantal computers aangesloten op het internet kan 'anoniem' ingelogd worden, waarna bestandsoverdracht (file transfer) kan plaatsvinden. Zie ook FTP.
applet
Klein programma dat onderdeel is van het besturingssysteem of van een HTML-pagina. Een Java-applet is geschreven in de programmeertaal Java. De Java-applet wordt via het internet van de server opgehaald en vervolgens uitgevoerd door de browser. Installatie van een applet op de eigen computer is dus niet nodig.
applicatie
Computertoepassing of een combinatie van bij elkaar behorende computerprogramma's en bestanden die een bepaalde taak uitvoeren.
ASCII
American Standard Code for Information Interchange: standaardcodering van de meest gebruikte alfabetische en niet-alfabetische tekens. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de oorspronkelijke standard ASCII-set en de nieuwere extended ASCII-set. Een ASCII-teken in standard ASCII omvat 7 bits. Deze tekenset laat ruimte voor 128 tekens. Een ASCII-teken in extended ASCII omvat 8 bits. In deze tekenset bestaat er ruimte voor 256 tekens.
attachment
Toevoeging aan een e-mailbericht in de vorm van een apart bestand, zodat bijvoorbeeld een document met de opmaakcodes van een specifieke tekstverwerker ook eenvoudig per e-mail verzonden kan worden.
authenticatie
Controle op de identiteit van de gebruiker.
autorisatie
Vaststelling van de rechten van een gebruiker op een computer of netwerk, bijvoorbeeld of een gebruiker het recht heeft bepaalde gegevens in te zien, toe te voegen, te wijzigen of te verwijderen.
B
backbone
Centrale netwerk-infrastructuur van computernetwerken. De backbone bestaat uit snelle verbindingen, die de bulk van het gegevenstransport voor hun rekening nemen.
Meer informatie over de SURFnet-backbone:
http://www.surfnet.nl/organisatie/netwerk/
back-up
Reservekopie van bestanden en programma's.
bandbreedte
Aanduiding van de capaciteit van een verbinding, uitgedrukt in bit/s (bit per seconde). Hoe groter de bandbreedte des te sneller kunnen gegevens getransporteerd worden. Voor multimediale toepassingen via het internet, zoals videoconferencing, is veel bandbreedte vereist en voor een toepassing als e-mail weinig.
bcc
Blind Carbon Copy: optie van e-mail waarbij een kopie van een e-mailbericht ter informatie ook naar andere personen wordt gestuurd zonder dat de geadresseerden kunnen zien welke personen ook een kopie hebben ontvangen. Zie ook cc.
beheerpartners
Externe partijen die voor SURFnet bv operationele taken uitvoeren, meestal universitaire rekencentra.
Meer informatie:
http://www.surfnet.nl/organisatie/beheer/
besturingssysteem
Software die het mogelijk maakt om met een computer te werken. DOS, Unix en Windows zijn hier voorbeelden van.
bit
Binair getal. Kleinste informatie-eenheid in een computersysteem. Een bit kan de waarde 0 of 1 aannemen.
bluetooth
Techniek die het mogelijk maakt hardware draadloos te laten communiceren met andere hardware, bijvoorbeeld de communicatie tussen je GPRS-telefoon en je laptop. Bluetooth werkt met radiogolven over korte afstand (maximaal tien meter) op de wereldwijd beschikbare hoge frequentie 2.45 Ghz. Ieder apparaat heeft een uniek 48-bit adres. Op dit moment is de snelheid 1 Mbit/s. Hogere snelheden worden in de toekomst verwacht.
bookmark
Een verwijzing naar een URL op het world wide web. Gebruikers kunnen in hun Netscape browser een lijst van bookmarks aanleggen (bij Microsoft Internet Explorer 'Favorites' genoemd) om snel vaak geraadpleegde pagina's te kunnen vinden.
breedband
Communicatiekanaal voor snelle transmissie, bijvoorbeeld een coax-kabel en een glasvezelkabel.
browsen
Letterlijk: bladeren. Rondkijken op het www met specifieke software; de browser.
browser
Programma waarmee gebruikers op het world wide web kunnen rondkijken. Bekende browsers zijn Netscape en Microsoft Internet Explorer.
bug
Aanduiding voor een programmeerfout in een computerprogramma, die leidt tot onjuiste resultaten of het vastlopen of afbreken van het programma.
byte
Set van acht bits. Met één byte kan één teken (letter of cijfer) worden gerepresenteerd. Zie ook: ASCII.
backbone
Centrale netwerk-infrastructuur van computernetwerken. De backbone bestaat uit snelle verbindingen, die de bulk van het gegevenstransport voor hun rekening nemen.
Meer informatie over de SURFnet-backbone:
http://www.surfnet.nl/organisatie/netwerk/
back-up
Reservekopie van bestanden en programma's.
bandbreedte
Aanduiding van de capaciteit van een verbinding, uitgedrukt in bit/s (bit per seconde). Hoe groter de bandbreedte des te sneller kunnen gegevens getransporteerd worden. Voor multimediale toepassingen via het internet, zoals videoconferencing, is veel bandbreedte vereist en voor een toepassing als e-mail weinig.
bcc
Blind Carbon Copy: optie van e-mail waarbij een kopie van een e-mailbericht ter informatie ook naar andere personen wordt gestuurd zonder dat de geadresseerden kunnen zien welke personen ook een kopie hebben ontvangen. Zie ook cc.
beheerpartners
Externe partijen die voor SURFnet bv operationele taken uitvoeren, meestal universitaire rekencentra.
Meer informatie:
http://www.surfnet.nl/organisatie/beheer/
besturingssysteem
Software die het mogelijk maakt om met een computer te werken. DOS, Unix en Windows zijn hier voorbeelden van.
bit
Binair getal. Kleinste informatie-eenheid in een computersysteem. Een bit kan de waarde 0 of 1 aannemen.
bluetooth
Techniek die het mogelijk maakt hardware draadloos te laten communiceren met andere hardware, bijvoorbeeld de communicatie tussen je GPRS-telefoon en je laptop. Bluetooth werkt met radiogolven over korte afstand (maximaal tien meter) op de wereldwijd beschikbare hoge frequentie 2.45 Ghz. Ieder apparaat heeft een uniek 48-bit adres. Op dit moment is de snelheid 1 Mbit/s. Hogere snelheden worden in de toekomst verwacht.
bookmark
Een verwijzing naar een URL op het world wide web. Gebruikers kunnen in hun Netscape browser een lijst van bookmarks aanleggen (bij Microsoft Internet Explorer 'Favorites' genoemd) om snel vaak geraadpleegde pagina's te kunnen vinden.
breedband
Communicatiekanaal voor snelle transmissie, bijvoorbeeld een coax-kabel en een glasvezelkabel.
browsen
Letterlijk: bladeren. Rondkijken op het www met specifieke software; de browser.
browser
Programma waarmee gebruikers op het world wide web kunnen rondkijken. Bekende browsers zijn Netscape en Microsoft Internet Explorer.
bug
Aanduiding voor een programmeerfout in een computerprogramma, die leidt tot onjuiste resultaten of het vastlopen of afbreken van het programma.
byte
Set van acht bits. Met één byte kan één teken (letter of cijfer) worden gerepresenteerd. Zie ook: ASCII.
voor hells
C
CA
Certification Authority of Certificerende Autoriteit: organisatie die gerechtigd is om sleutels ten behoeve van encryptie van bijvoorbeeld e-mail te beheren en uit te delen.
Meer informatie:
zie Beveiliging: veilige communicatie op het internet.
cache
Geheugen van een browser en/of van een pc en/of van een centrale computer (proxy) dat is gereserveerd voor eerder geladen webpagina's. De browser/pc/proxy bewaart de inhoud van deze pagina's om ze sneller te laten verschijnen op het moment dat de gebruiker ze opnieuw opvraagt.
caching
Caching is een techniek die helpt om op een efficiënte manier gebruik te maken van een beperkte netwerkcapaciteit. Bij caching worden webdocumenten (tijdelijk) dichter bij (in netwerktermen) de gebruikers opgeslagen (gecached) zodat ze door andere gebruikers kunnen worden opgevraagd, zonder dat het bestand opnieuw via het internet hoeft te worden opgehaald.
cc
Carbon copy: optie van e-mail waarbij een kopie van een e-mailbericht ter informatie ook naar andere personen wordt gestuurd, waarbij alle geadresseerden kunnen zien welke personen ook een kopie hebben ontvangen. Zie ook bcc.
cd-rom
Compact disk read only memory: compact disk met data. Deze is echter niet te beschrijven, vandaar de naam rom (read only memory).
CERT
Computer Emergency Response Team: landelijk (of binnen een instelling) opererend team dat in actie komt bij beveiligingsincidenten. CERT-NL is het Computer Emergency Response Team van SURFnet bv.
CERT-NL
Het Computer Emergency Response Team van SURFnet bv. CERT-NL is voor SURFnet-contactpersonen zeven dagen per week 24 uur per dag bereikbaar.
Meer informatie:
http://cert.surfnet.nl/
chat
Een netwerkprogramma waarmee twee of meer gebruikers rechtstreeks met elkaar kunnen chatten of 'praten', door berichten te typen op hun computer en deze via het netwerk te versturen. Meer informatie:
zie Conferencing en chat.
client
Gebruikersprogramma dat via het netwerk communiceert met een server. De server voert in opdracht van de client bepaalde taken uit en stuurt de resultaten via het netwerk terug naar de client op de computer van de gebruiker. Voorbeelden: Eudora is een e-mail-client en FreeAgent is een News-client.
client-server
Architectuur waarop veel internettoepassingen zijn gebaseerd, bestaande uit een client en een server. De client is het programma op de pc van de gebruiker waarmee aan de server wordt gevraagd een bepaald proces uit te voeren, bijvoorbeeld het laten zien van een website. De server is het programma dat het proces uitvoert.
coderen
Een bestand omzetten in een andere vorm om het geschikt te maken voor verzending via het netwerk. Zie ook: decoderen.
comprimeren
Computerbestanden verkleinen om de ruimte die een bestand op de schijf inneemt te beperken en/of gegevenstransport te versnellen.
conferencing
Conferencing is een computertoepassing die het mogelijk maakt dat twee of meer partijen met elkaar communiceren via een verbinding tussen hun computers.
zie Conferencing en chat.
configureren
Instellen van software of wijzigingen aanbrengen in apparatuur of een besturingssysteem.
converteren
Omzetten van gegevens van het ene formaat in het andere.
cookie
Een bestandje dat door derden weggeschreven wordt op de harde schijf van de gebruiker. In dit bestandje kan bijvoorbeeld staan het aantal opgevraagde webpagina's van de gebruiker tijdens een sessie. In de meeste browsers is het mogelijk om het ontvangen van cookies uit te zetten.
cryptografie
Techniek om gegevens te versleutelen ten behoeve van beveiliging.
Meer informatie:
zie Beveiliging: veilige communicatie op het internet.
C
CA
Certification Authority of Certificerende Autoriteit: organisatie die gerechtigd is om sleutels ten behoeve van encryptie van bijvoorbeeld e-mail te beheren en uit te delen.
Meer informatie:
zie Beveiliging: veilige communicatie op het internet.
cache
Geheugen van een browser en/of van een pc en/of van een centrale computer (proxy) dat is gereserveerd voor eerder geladen webpagina's. De browser/pc/proxy bewaart de inhoud van deze pagina's om ze sneller te laten verschijnen op het moment dat de gebruiker ze opnieuw opvraagt.
caching
Caching is een techniek die helpt om op een efficiënte manier gebruik te maken van een beperkte netwerkcapaciteit. Bij caching worden webdocumenten (tijdelijk) dichter bij (in netwerktermen) de gebruikers opgeslagen (gecached) zodat ze door andere gebruikers kunnen worden opgevraagd, zonder dat het bestand opnieuw via het internet hoeft te worden opgehaald.
cc
Carbon copy: optie van e-mail waarbij een kopie van een e-mailbericht ter informatie ook naar andere personen wordt gestuurd, waarbij alle geadresseerden kunnen zien welke personen ook een kopie hebben ontvangen. Zie ook bcc.
cd-rom
Compact disk read only memory: compact disk met data. Deze is echter niet te beschrijven, vandaar de naam rom (read only memory).
CERT
Computer Emergency Response Team: landelijk (of binnen een instelling) opererend team dat in actie komt bij beveiligingsincidenten. CERT-NL is het Computer Emergency Response Team van SURFnet bv.
CERT-NL
Het Computer Emergency Response Team van SURFnet bv. CERT-NL is voor SURFnet-contactpersonen zeven dagen per week 24 uur per dag bereikbaar.
Meer informatie:
http://cert.surfnet.nl/
chat
Een netwerkprogramma waarmee twee of meer gebruikers rechtstreeks met elkaar kunnen chatten of 'praten', door berichten te typen op hun computer en deze via het netwerk te versturen. Meer informatie:
zie Conferencing en chat.
client
Gebruikersprogramma dat via het netwerk communiceert met een server. De server voert in opdracht van de client bepaalde taken uit en stuurt de resultaten via het netwerk terug naar de client op de computer van de gebruiker. Voorbeelden: Eudora is een e-mail-client en FreeAgent is een News-client.
client-server
Architectuur waarop veel internettoepassingen zijn gebaseerd, bestaande uit een client en een server. De client is het programma op de pc van de gebruiker waarmee aan de server wordt gevraagd een bepaald proces uit te voeren, bijvoorbeeld het laten zien van een website. De server is het programma dat het proces uitvoert.
coderen
Een bestand omzetten in een andere vorm om het geschikt te maken voor verzending via het netwerk. Zie ook: decoderen.
comprimeren
Computerbestanden verkleinen om de ruimte die een bestand op de schijf inneemt te beperken en/of gegevenstransport te versnellen.
conferencing
Conferencing is een computertoepassing die het mogelijk maakt dat twee of meer partijen met elkaar communiceren via een verbinding tussen hun computers.
zie Conferencing en chat.
configureren
Instellen van software of wijzigingen aanbrengen in apparatuur of een besturingssysteem.
converteren
Omzetten van gegevens van het ene formaat in het andere.
cookie
Een bestandje dat door derden weggeschreven wordt op de harde schijf van de gebruiker. In dit bestandje kan bijvoorbeeld staan het aantal opgevraagde webpagina's van de gebruiker tijdens een sessie. In de meeste browsers is het mogelijk om het ontvangen van cookies uit te zetten.
cryptografie
Techniek om gegevens te versleutelen ten behoeve van beveiliging.
Meer informatie:
zie Beveiliging: veilige communicatie op het internet.